NAAR BINNEN KIJKEN

Amsterdam, juli 2017

Beste David Spiegelhalter,

Jou ken ik als bekende Engelse statisticus. Ik weet dat je een expert bent in Bayesiaanse statistiek en waarschijnlijkheidsleer en dat jij het medisch onderzoeksteam leidde dat het baanbrekende statistiekprogramma WinBUGS ontwikkelde. Met dat ingenieuze programma werk ik wel eens en het zit ongelofelijk knap in elkaar. Sinds enige jaren ben je ‘professor Risk’ in Cambridge en moet jij er als Winton professor voor zorgen dat het publiek het begrip risico beter gaat begrijpen. Twee jaar geleden werd jij voor jouw verdiensten op het terrein van statistiek geridderd. Jij (Sir David) bent ondertussen de gekozen president van het ‘Engelse Koninklijk Statistisch Genootschap’. Jij hebt jouw sporen verdiend op het gebied van de statistiek in Engeland en ver daar buiten en je zou op jouw lauweren kunnen rusten, benen op de tafel en een tevreden glimlach. Onlangs bracht jij het boek ‘Sex by numbers’ uit. Op de voorkant van dit boek wordt een dichte luxaflex geopend zodat we goed naar binnen kunnen kijken en jij kijkt met ons mee naar binnen en vertelt ons waar we op moeten letten. Maar toen ik het boek uit had vroeg ik mij af: waarom houd jij je nu met zo’n specialistisch onderwerp bezig, een onderwerp dat ook nog eens zo ver van dagelijkse getallen af lijkt te staan?

Na een paar bladzijden is het voor mij duidelijk dat jij ons overtuigend laat zien wat de statistiek ons al niet over het seksuele gedrag van mensen kan vertellen. Juist bij dit meest persoonlijke onderwerp wil je zoveel mogelijk bij de feiten blijven. In het eerste hoofdstuk van het boek laat jij zien dat de kwaliteit van het onderzoek naar seksualiteit nogal verschillend is. Jij waardeert deze kwaliteit van de cijfers met een nul tot en met vier-sterrensysteem. Vier sterren is dan het beste onderzoek en onderzoek waarvan we de resultaten kunnen geloven. Denk bijvoorbeeld aan enkele officiële statistieken zoals voor iedere 20 meisjes worden er 21 jongetjes geboren. Drie sterren krijgt onderzoek dat redelijkerwijs te geloven is omdat er sprake is van random selectie van deelnemers. Jij citeert veel uit het British National Survey of Sexual Attitudes and Lifestyles (Natsal) en dat onderzoek krijgt deze drie sterren. Twee sterren krijgen de onderzoeken die slechts als ruwe schatting moeten worden beschouwd. De bekende Kinsey study, die veel plaats krijgt in het boek (wat vooruitstrevend was Kinsey toch), krijgt twee sterren omdat hier geen sprake was van random selectie. Dan zijn er de onderzoeken die slechts één ster krijgen omdat de onderliggende cijfers onbetrouwbaar zijn. Het Hite Report, bijvoorbeeld, krijgt van jou één ster, alleen al vanwege de lage respons-rate van 3% van een geselecteerde groep. Cijfers met één ster kunnen overigens wel een hoge maatschappelijke impact hebben (zoals het Hite-report ook laat zien). Tot slot zijn er de onderzoeken met nul sterren waarvan de cijfers gewoon verzonnen zijn. Vervolgens laat jij in de rest van het boek heel veel cijfers de revue passeren die voor de seksuologie van belang zijn. Je kunt het zo gek niet bedenken en jij laat daarbij ogenschijnlijk geen bron onbenut. Een willekeurige en onsamenhangende greep uit die verschillende onderzoeken: 23% van Britten tussen de 25-34 jaar zegt dat ze de laatste vier weken geen seks hebben gehad met het andere geslacht; mensen in Los Angeles hebben gemiddeld 130 keer seks ieder jaar; 999 van de 1000 seksactiviteiten met het andere geslacht leidt niet tot conceptie; 64% van de Britse vrouwen tussen 45 tot en met 54 jaar had vaginale seks in de laatste vier weken; 16% van de Britse vrouwen tussen 25 tot en met 34 jaar had anale seks het afgelopen jaar; 1,2 miljoen Britten is het geschatte aantal dat zichzelf ziet als homoseksueel/lesbisch of biseksueel; 6% van de Ierse 60-plussers zegt dat ze nooit een seksuele partner hebben gehad; 45% van de mannen wenst zichzelf een grotere penis toe; in Engeland wordt iedere minuut 5 liter sperma geproduceerd. De cijfers duizelen mij om de oren en ik krijg de indruk dat we met elkaar niet stilzitten. Jij laat de cijfers ook steeds vanuit hele verschillende perspectieven zien. Zo tel je hele verschillende activiteiten, laat jij zien wat we met het andere geslacht doen en wat met hetzelfde geslacht, jij laat zien wat we met onszelf doen, wat seks inhoudt voor en na het krijgen van baby’s en ga jij in op de attitudes en verlangens van mensen. Jij hebt niet alleen oog voor het plezier maar ook voor de problemen en gaat in op de moderne en donkere kanten van seksualiteit. En voortdurend weeg jij dan die onderzoeken met jouw sterren systeem.

Jouw boek is een emanciperend boek. Van seksualiteit, dat zoveel mensen onzeker kan maken, maak jij een gewoon onderwerp. Zo laat jij zien dat twintig jaar geleden mensen nog vijf keer per maand seks met elkaar hadden en dat dat tien jaar geleden nog vier keer was. Vandaag de dag ligt de i-pad tussen ons in, zijn we veel te druk met ons eigen netwerk en lijkt het er soms op dat we liever naar seks kijken dan het zelf doen. Gemiddeld hebben mensen nu drie keer per maand seks met elkaar. Voor velen is het misschien goed om zicht te krijgen op gemiddelden en variaties en wat ze delen met anderen. Door verschillende bronnen en verschillende methoden met elkaar te vergelijken kom je volgens jou tot de meest mogelijke valide en betrouwbare cijfers. In dat proces ben jij bijzonder creatief en hier herken je de meester. Als lezer leerde ik en passant ook verschillende statistische aanpakken toe te passen. Zo stel jij je bijvoorbeeld de vraag hoe je te weten kunt komen hoeveel prostituees er in een stad werken. Daarbij gebruik jij dezelfde schattingstechniek die ook wordt toegepast om vast te stellen hoeveel vissen er in een vijver zitten. Je vangt er 100, je merkt ze en gooit ze terug. Als ze goed gemixt zijn, doe je een tweede vangst van 100 en kijkt hoeveel daarvan zijn gemerkt. Op basis van dit percentage kun je een goede schatting maken. Door twee verschillende registraties van prostituees (twee ‘vissenvangsten’) met elkaar te vergelijken, die van een gezondheidsdienst en die van de politie, en het aantal dezelfde namen in beide registraties te tellen, kun je een schatting maken van hoeveel prostituees er in een stad werken. Slim. Jij bent en blijft, ook in dit boek, een statisticus die de cijfers laat zien en niet zozeer die interpreteert of de gegevens koppelt naar moraal, onderliggende mechanismen of hypothesen. In het begin vond ik het boek bijzonder boeiend, maar op een gegeven moment werden al die cijfers mij toch wat te veel. Aan het einde van het boek was ik dan toch weer blij dat ik je boek heb uitgelezen, ook omdat jij de zaken zo goed op rij zet en je er veel van leert. ‘Sex by numbers’ is bovendien prettig geschreven en met veel humor. Het boek is ook nog eens zeer up to date. Jij gaat in op tegenwoordige zaken als Tinder, Vijftig Tinten Grijs, Sexting en jij gebruikt de DSM5. Jouw boek is vooral op Engeland en Amerika gericht. Jij gaat regelmatig in op het Engelse Natsal-onderzoek waar jij veel waardering voor hebt. Maar de Engelse (en Amerikaanse situatie) is niet altijd representatief voor Nederland of andere delen van de wereld. Daar zit een beperking. ‘Sex by numbers’ is interessant voor onderzoekers en een must voor mensen die onderwijs geven of de media te woord staan in de breedte van de seksuologie. Jij laat ons op een gepaste manier naar binnen kijken. Na het lezen van jouw boek kijk ik net wat anders om mij heen.

Dank je wel,

Grote groet, -Harrie

Spiegelhalter, D. (2015). Sex by numbers. What statistics can tell us about sexual behaviour. London: Profile Books, 360 pag., €22,95.